Hampi
Zo, ik zit weer eens in een cybercafe. Het is avond, tegenover mij steekt een koe zijn kop door de deuropening naar binnen, draait zich vervolgens om en gaat vervolgens gemoedelijk zeiken op onze sandalen. En toch is Hampi leuk.
Afgelopen nacht geen oog dicht gedaan. Of eigenlijk toch wel, maar dan met behulp van een ooglap om de voorbij flitsende lichten van stations, lantaarnpalen en dergelijke maar vooral niet te zien. Welkom in een indiase trein. We hadden nog wel de meest luxe optie genomen, die eigenlijk niet meer is dan een stapelbed tenmidden van andere stapelbedden. Als er op die andere stapelbedden geen baby of dikke snurkende man ligt, dan heb je misschien wel een beetje kans om een beetje te kunnen slapen. Die waren er in ons geval echter wel. De op een na minder luxe versie heet een 'sleeper'. Inhoudelijk hebben deze treinstellen gewone keiharde banken. Ik vermoed dat de benaming 'sleeper' een gevalletje Indiase humor is of iets dat je heel erg graag zou willen doen in die treinstellen, maar nooit voor elkaar zult krijgen.
Maar goed, het einddoel van de nachttrein vanuit het chaotische Bangalore dat droomt over highspeedtreinen en wolkenkrabbers maar in realiteit tot in de nek in de chaotische troep zit, was Hospet, een stadje nabij Hampi. Hampi is Unesco werelderfgoed. Iets wat je dus eens in je leven gezien moet hebben. Het is een enorme ruinestad van 24 vierkante kilometer waar tegenwoordig koeien, kraaien, apen, eekhoorns en wat verdwaalde toeristen de dienst uitmaken. Stel je een hindoestaanse stad voor, zo'n 600 jaar geleden, gelegen aan een frisse rivier in een landschap bezaaid met enorme rotsblokken die eruit zien als konijnenkeutels van een konijn zo groot as een wolkenkrabber. Laat er vervolgens een zeer groot en machtig moslimleger huishouden en wat rest is Hampi. Hier en daar wat uitgestorven tempels met prachtige beeldhouwwerken, een paleis waar geen muur meer van overeind staat en een natuurpracht om stil van te worden. Kortom, een plek waar camerabatterijen het zwaar te verduren hebben. Het stadje leeft duidelijk van de toeristen, het is klein en heeft een hoog backpackersgehalte. Allerlei 'guesthouses' met kussens op de grond en loungemuziekjes, winkeltjes met een assortiment dat in de rugzak past en veel koeien, die tevreden rondsjokken en zich tegoed doen aan alles wat maar eetbaar is.
We hebben hier ons eerst rond laten tuffen door een tuktuk en zijn vervolgens wat rond wezen lopen. Morgen weer zo'n heerlijke dag...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten